Ecuadorianen stappen niet mee in Moreno’s neoliberale fantasie

Sueldo mínimo al presidente, pa’ que vea qué se siente!’ (een minimumloon voor de president, zodat hij ondervindt hoe het voelt), wordt luidkeels geroepen in de straten van de Ecuadoriaanse grootsteden. Na tien jaar beleid van voormalig president Rafael Correa is de onrust in het land immens. (+foto's)

Sinds 2 oktober komen Ecuadorianen massaal op straat uit bezorgdheid over de sociale en economische hervormingen die werden ingevoerd door de regering van president Lenín Moreno. De protesten vinden vooral plaats in Quito, Guayaquil en Cuenca. Met achtergrondinformatie, getuigenissen en waargebeurde feiten hopen wij jullie te informeren over wat er gaande is sinds we België in september voor een semester inruilden voor Ecuador in het kader van onze studies.

“ el paquetazo”

De bezuinigingsmaatregelen — of “el paquetazo” - houden onder meer de afschaffing van de subsidies voor het gebruik van fossiele brandstoffen en de verhoging van de benzine en dieselprijzen in. Het zijn de meest controversiële maatregelen want door die afschaffing zal het leven voor de gewone Ecuadoraan veel duurder worden, omdat het een grote invloed heeft op transport van goederen en voedsel. 

Bovendien zal dat prijsverschil niet worden gecompenseerd door hogere lonen. Sterker nog, Moreno’s regering eist dat alle ambtenaren een deel van hun loon afstaan in staatsobligaties. Het minimumloon van een ambtenaar is 525 dollar en verschilt naargelang de dienst. Met deze maatregel zal ongeveer 20 dollar van dat loon worden afgedaan.

De maatregelen zijn het gevolg van het zogenaamde “Uitvoerend Decreet 883” of “el Decreto Ejecutivo 883 president Moreno met het Internationaal Monetair Fonds (IMF) sloot. Ecuador kreeg dit jaar een lening van 3,8 miljard euro in ruil voor enorm strenge, neoliberale eisen. Zo moet het aantal medewerkers bij de overheid worden teruggedrongen, overheidstakken worden geprivatiseerd, het loon worden verlaagd en de vakantiedagen worden verminderd van 30 naar amper 15 dagen. Er valt veel te zeggen over het beleid van Correa, maar de onafhankelijkheid van het IMF die hij tijdens zijn legislatuur mogelijk maakte wordt nu met één veeg van tafel geveegd.

Nationale noodtoestand

Door het aanhoudende protest riep Moreno op 3 oktober de nationale noodstand uit. Zo hoopt hij de publieke orde te herstellen en de protesten zoveel mogelijk terug te dringen. Hierdoor worden politie, leger en ordetroepen ingezet en het recht op vrijheid van vereniging wordt geschorst. De termijn van deze nationale noodtoestand is 30 dagen.

Zelf spreekt de president over een staatsgreep, die volgens hem aangestuurd wordt door de Venezolaanse president Nicolás Maduro en ex-president van Ecuador, Rafael Correa. Vanuit Guayaquil zond Moreno een televisieboodschap uit en zei dat hij niet van plan is om de maatregelen terug te draaien. Hij spreekt van ‘een georganiseerde politieke actie is om de regering te doen wankelen en de orde van de democratie te verstoren’.

Op 8 oktober formaliseerde Moreno de overdracht van de regering aan Guayaquil via ‘el Decreto Ejecutivo 888’. Het decreet stelt ook een beperking van het recht op vrije doorgang en mobiliteit in door middel van een avondklok en zal tot 3 november gelden, van maandag tot zondag tussen 20h00 en 05h00. Alleen personen of publieke diensten, zoals politieagenten, het leger, ordetroepen, leden van diplomatieke missies of medisch personeel en hulpverleners, mogen hiervan afwijken.

Inheemse bevolking

Het protest is een bundeling van krachten: van taxichauffeurs, vervoersmaatschappijen, studenten tot de inheemse bevolking. Samen uiten ze hun afschuw tegen de asociale besparingen van de regering Moreno. Vooral de invloed van de inheemse bevolking mag niet onderschat worden. Op 7 oktober trokken ze met tienduizenden naar de hoofdstad Quito. Jaime Vargas, president van de Confederatie van Inheemse Nationaliteiten van Ecuador (CONAIE), spreekt van meer dan 20.000 gemobiliseerde inheemse mensen. Ook in 2000 waren zij de protagonisten voor de omverwerping van de toenmalige president Jamil Mahuad.

‘We zijn geboren om te blijven strijden en verweren ons al meer dan 530 jaar. Dát is wat ons sterk maakt’

Ook de confederatie riep op zondag 6 oktober hun eigen noodtoestand uit. Politie en ordediensten die inheemse gebieden naderen zullen daardoor onderworpen worden aan het inheemse recht, wat erkend is in de grondwet. In een live interview van digitaal platform Voces vertelde Luisa Lozano, de vrouwelijke leider van de Vrouwen van CONAIE, dat zij tijdens hun tocht naar hoofdstad  bestookt werden door het leger en politieagenten met paarden en traangas. Vastberaden drukte ze uit: ‘Dit maakt ons niet bang. We zijn geboren om te blijven strijden en verweren ons al meer dan 530 jaar. Dát is wat ons sterk maakt’. Daarnaast, vertelt ze, wil de huidige regering hen via de media stigmatiseren als agressievelingen. 

In het kader van onze studie Sociaal Werk verblijven wij zes maanden in Ecuador. Isha studeert in Cuenca, Andrea in Quito.

Isha in Cuenca

De studentenmobilisatie in Cuenca is ongelofelijk en absurd goed georganiseerd. De universiteit speelt daarbij een belangrijke rol. Via alle kanalen op sociale media communiceren en mobiliseren de studenten zoveel mogelijk personen. De lessen zijn al een week geschorst en het ziet er niet naar uit dat ze snel hervat zullen worden. Dagelijks vinden open vergaderingen en debatten plaats op de universiteit over de aanpak. Ook professoren zijn belangrijke spilfiguren van het protest. De studentenbeweging reageert passief en wil zich niet mengen in de hardhandige aanpak van sommige protestlui. Er worden inzamelacties gehouden om eten en gas te verzamelen voor mensen die niet meer kunnen werken. Beetje bij beetje beginnen de winkels leeg te lopen en wie gas nodig heeft (voornamelijk om mee te kunnen koken) staat een urenlange zoektocht te wachten.

De politie infiltreert zelf in de protesten en gooit met stenen naar de politie om de beweging te framen als gewelddadig en meedogenloos

Ik sprak met een van de studentenvertegenwoordigers van de protesten, Christian. Hij vertelt dat de politie sterk infiltreert in de protesten. Zo gooien de infiltranten stenen naar de politie om de beweging op deze manier te framen als gewelddadig en meedogenloos. De aanpak van het straatprotest door de politie is repressief en hardhandig. Als manifestanten te dicht komen, schieten tanks traangas af en er wordt met matrakken op voorbijgangers geslagen. De mensen roepen tevergeefs ‘ni una sola piedra, estamos en paz’ (geen enkele steen, we zijn vredig), om te verduidelijken dat de strijd niet tegen de politie gericht is. Christian vertelde hoe de politie een traangasbom in het gezicht van een van zijn vrienden wierp. Die jongen is nu blind aan één oog.

Andrea in Quito

Vanaf de tweede week van mijn verblijf ervoer ik al de toenemende spanning. Via sociale media, gesprekken met mijn klasgenoten, andere uitwisselingsstudenten en eigen observatie blijf ik op de hoogte van wat er gaande is.

Alle schoolactiviteiten zijn uitgesteld om de veiligheid van de studenten te vrijwaren, laat staan dat ze er nog kunnen geraken. Als uitwisselingsstudent krijg je van professoren te horen dat je best thuis blijft en beter niet de toerist uithangt of deelneemt aan de protesten. Maar het is ook een kwestie van respect voor de crisistoestand van het gastland waarin je je bevindt omdat het ons eigen welzijn en tijdelijk verblijf in gevaar kan brengen.

Overal hoor je wel iets over het protest. Bij een bezoek aan La Virgen del Panecillo, een monument in Quito, legde een verkoopster van brochettes er bij uit dat ze er deze keer geen aardappelen bij kon prikken omdat ze te duur zijn. Per kilo steeg de prijs van 20 naar 30 dollar. Bovendien is door de prijsstijgingen op benzine en diesel het transport van voedsel tijdelijk geblokkeerd. In supermarkten zijn de meeste rekken zelfs leeg.

Gebruik maken van taxi’s is zo goed als geen optie meer, ook niet meer met Uber, wat hier zogezegd het goedkoopste transportmiddel is. Volgens mijn buurvrouw Mariana steeg een rit van minder dan 10 minuten van 1 à 3 dollar naar 5 à 6 dollar. Met de wagen rondrijden is gevaarlijk en risicovol, leid ik af uit verschillende gesprekken met taxichauffeurs. Ze vertellen hoe ze met stenen bekogeld worden. Als politieagenten je aan de kant zien stilstaan, vragen ze naar documenten van de chauffeur. Als die ze niet meteen kan overhandigen, wordt de auto weggetakeld, en met wat geluk, worden de banden niet plat gestoken. 

Sinds de president de noodtoestand uitriep, zien we niets anders dan video’s of foto’s met militair geweld en politieke repressie. Dinsdag hoorde ik gevechtsvliegtuigen en zag rook opstijgen uit het Congresgebouw of ‘la Asamblea’. Dat manifestanten zelfs daar konden binnenvallen, is 14 jaar geleden.

Mijn klasgenoot Joffre vertelde me dat zijn zusje van 8 jaar al 5 dagen het huis niet uit kwam is en nu op weg is naar zijn neef zodat ze met leeftijdsgenoten kan spelen. Voor kinderen die mee naar het nieuws kijken, veroorzaakt de situatie angst en verwarring. Ze begrijpen niet waarom mensen elkaar slaan met stokken en stenen. Joffre weet niet wat of hoe hij op haar vragen moet antwoorden omdat het zo complex is. Behalve het verbeteren van de situatie heeft de regering volgens hem ook intrinsieke bedoelingen die niet worden blootgesteld via de media. ‘Het is complex. Het ene medium vertelt dat politieagenten wat minder gewelddadig moeten handelen, maar dan zeggen de naasten van die politieagent dat hij ook alleen maar zijn werk moet doen.’

Wat op dit moment in Ecuador gebeurt, kan je op z’n minst historisch noemen. Voor ons is dit een zeer verrijkende ervaring als sociaal werker in wording. Een professor stuurt ons het lied “El pueblo unido jamás será vencido” van Inti Illimani door, en we beseffen: de mensen zijn allesbehalve van plan om mee te gaan in Moreno’s neoliberale fantasieën.